top of page

Hoge Raad 23 januari 2026: exoneratiebeding in algemene voorwaarden niet zomaar “onredelijk bezwarend” (ECLI:NL:HR:2026:97)


Een ondernemer of dienstverlener wil risico’s beheersen. Logisch. Maar hoe ver mag je gaan met een exoneratiebeding (aansprakelijkheid beperken) in je algemene voorwaarden?


Op 23 januari 2026 deed de Hoge Raad uitspraak in een interessante zaak tussen Achmea en netbeheerder Stedin: ECLI:NL:HR:2026:97. De kern: is de aansprakelijkheidsbeperking in de algemene voorwaarden onredelijk bezwarend voor consumenten, of kan zo’n beding standhouden?

In deze blog leg ik uit wat de Hoge Raad bevestigt – en wat jij als ondernemer hiervan moet meenemen.

Waar ging de zaak over?

In 2018 ontstond er brand in een woning, veroorzaakt in de meterkast (hoofdaansluitkast). De bewoner was verzekerd bij Achmea, en Achmea keerde € 158.188,98 uit. Daarna stelde Achmea Stedin aansprakelijk voor die schade (via subrogatie).

Stedin verweerde zich met een beding uit haar algemene voorwaarden: een limiet op de schadevergoeding (art. 17.4 AV). De aansprakelijkheid voor zaakschade werd in de praktijk beperkt tot maximaal € 3.500 per contractant.

De rechtbank én het hof gaven Stedin gelijk: het beding bleef overeind, ondanks de “grijze lijst”-bescherming voor consumenten.



De zaak kwam uiteindelijk bij de Hoge Raad terecht.


De juridische vraag: “onredelijk bezwarend” of niet?

              Wil je meer lezen?

              Abonneer je op vanderburg-recht.nl om deze exclusieve post te kunnen blijven lezen.

               
               
               
              bottom of page