top of page

Bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor onbetaalde facturen: ondernemen zonder betalingsplan kostbaar afgestraft

  • 29 mei
  • 6 minuten om te lezen

Een besloten vennootschap die facturen niet betaalt, is in beginsel zelf aansprakelijk voor de schuld. De bestuurder blijft doorgaans buiten schot. Maar dat verandert wanneer een bestuurder verplichtingen aangaat terwijl hij weet, of behoort te begrijpen, dat de onderneming niet kan betalen en ook geen verhaal zal bieden.

Dat ondervond een bestuurder in een recente uitspraak van de Rechtbank Amsterdam. Zijn onderneming bestelde voor bijna € 30.000 aan kippenvlees, verkocht dit vlees door aan klanten, maar gebruikte de ontvangen opbrengsten vervolgens voor andere bedrijfsuitgaven. De leverancier bleef onbetaald achter. De rechtbank oordeelde dat niet alleen de vennootschap, maar ook de bestuurder persoonlijk moest betalen.


Startende onderneming plaatst bestellingen zonder eigen financiële buffer

In deze zaak ging het om een groothandel in kippenvlees die leverde aan een onderneming die vlees doorverkocht aan restaurants. De eerste bestelling, ter waarde van € 3.308,15, werd betaald. Daarna plaatste de afnemer in korte tijd drie nieuwe bestellingen:

  • € 11.935,50 op 27 mei 2025;

  • € 4.727,88 op 30 mei 2025;

  • € 13.298,00 op 3 juni 2025.


De leverancier leverde het vlees en stuurde facturen met een betalingstermijn van dertig dagen. De facturen, samen goed voor € 29.961,38, bleven echter onbetaald.

De onderneming erkende later dat zij de facturen verschuldigd was, maar stelde dat de leverancier afspraken niet was nagekomen. Volgens haar zou zijn afgesproken dat meerdere bestellingen binnen één week als één bestelling zouden worden behandeld. Daardoor zou de onderneming eerst betaling van haar eigen klanten kunnen ontvangen voordat zij de leverancier moest betalen.

De rechtbank ging daar niet in mee. De facturen moesten worden betaald. Belangrijker nog: de rechtbank keek ook kritisch naar de handelwijze van de bestuurder zelf.

Geen startkapitaal, maar wel forse verplichtingen aangaan

Tijdens de procedure verklaarde de bestuurder dat de onderneming net was gestart en geen startkapitaal had. De bestellingen konden alleen worden betaald wanneer de klanten aan wie het vlees werd doorverkocht direct zouden betalen.

Die klanten hadden volgens de bestuurder inderdaad betaald. Toch werd het ontvangen geld niet gebruikt om de leverancier te voldoen. In plaats daarvan werd het geld besteed aan onder meer:

  • de inventaris van een bedrijfspand;

  • vriezers;

  • snijmachines;

  • opslagmaterialen;

  • de huur van een koelwagen.


Daarmee gebruikte de onderneming de opbrengst van de verkochte goederen om haar bedrijfsvoering op te bouwen, terwijl de leverancier diezelfde goederen nog niet betaald had gekregen.

Volgens de rechtbank draaide de onderneming hierdoor volledig op leverancierskrediet, zonder dat dit openlijk met de leverancier was besproken. De bestuurder had juist aangegeven dat de leverancier zou worden betaald uit de opbrengsten van de doorverkoop.


Wanneer is een bestuurder persoonlijk aansprakelijk?

Een bv heeft rechtspersoonlijkheid. Dat betekent dat schuldeisers normaal gesproken alleen de bv kunnen aanspreken voor openstaande schulden. Dat uitgangspunt is belangrijk: ondernemen brengt risico’s mee en een bestuurder is niet automatisch persoonlijk aansprakelijk wanneer een onderneming financieel in de problemen komt.

Toch kan een bestuurder onder bijzondere omstandigheden persoonlijk aansprakelijk worden gesteld. Daarvoor geldt een hoge drempel. Er moet sprake zijn van een persoonlijk ernstig verwijt.

Daarvan kan onder meer sprake zijn wanneer een bestuurder:

  1. namens de vennootschap verplichtingen aangaat terwijl hij weet of redelijkerwijs moet begrijpen dat de vennootschap deze niet kan nakomen; én

  2. weet of behoort te begrijpen dat de schuldeiser vervolgens geen verhaal zal hebben.

Ook wanneer een bestuurder betaling of verhaal bewust frustreert, kan persoonlijke aansprakelijkheid aan de orde zijn.

Het gaat dus niet simpelweg om de vraag of een onderneming uiteindelijk niet kan betalen. De kernvraag is of de bestuurder op het moment van handelen al had moeten begrijpen dat de schuldeiser onbetaald zou achterblijven.

De rechtbank: bestuurder had moeten begrijpen dat leverancier niet betaald zou worden

De Rechtbank Amsterdam oordeelde dat de bestuurder persoonlijk een ernstig verwijt kon worden gemaakt.


Daarbij woog zwaar dat:

  • de onderneming zonder startkapitaal begon;

  • de onderneming alleen kon betalen wanneer haar eigen klanten direct betaalden;

  • de klanten daadwerkelijk hadden betaald;

  • de ontvangen bedragen vervolgens niet werden gebruikt om de leverancier te betalen;

  • het geld werd besteed aan bedrijfsmiddelen en operationele kosten;

  • de activiteiten vrijwel direct werden gestaakt nadat de leverancier niet langer wilde leveren;

  • de onderneming uiteindelijk geen verhaal bood voor de openstaande facturen.

De bestuurder had volgens de rechtbank verplichtingen aangegaan zonder voldoende middelen en zonder duidelijk betalingsplan. Vervolgens heeft hij ervoor gekozen om de ontvangen opbrengsten aan andere zaken te besteden, terwijl de leverancier nog volledig onbetaald was.

De rechtbank formuleerde het scherp: het beeld ontstond van een ondernemer die zonder plan en zonder financiële middelen verplichtingen aanging, terwijl er geen geld beschikbaar was om die verplichtingen na te komen.

Ook vermeende betaalafspraken redden de bestuurder niet

De bestuurder voerde nog aan dat de leverancier zich niet aan gemaakte betaalafspraken had gehouden. Zelfs wanneer daarvan sprake zou zijn geweest, zou dat volgens de rechtbank niet tot een andere uitkomst leiden.

De kern bleef namelijk overeind: de onderneming ontving geld van haar klanten, maar betaalde daarmee niet de leverancier van de verkochte producten. In plaats daarvan werd het geld ingezet om de onderneming op te bouwen, terwijl de leverancier feitelijk het volledige financieringsrisico droeg.

Een ondernemer kan dus niet zonder meer wijzen op discussies over betalingstermijnen of leveringsafspraken wanneer hij ondertussen ontvangen opbrengsten aan andere doeleinden besteedt en de leverancier met een lege bv achterlaat.

Bestuurder en bv hoofdelijk veroordeeld

De rechtbank veroordeelde zowel de onderneming als de bestuurder hoofdelijk tot betaling van:

  • € 29.961,38 aan openstaande facturen;

  • de wettelijke handelsrente vanaf de vervaldata van de facturen;

  • € 1.074,61 aan buitengerechtelijke incassokosten;

  • € 4.979,16 aan proceskosten;

  • aanvullende kosten en rente indien niet tijdig wordt betaald.


Hoofdelijke aansprakelijkheid betekent dat de leverancier het volledige bedrag bij zowel de bv als de bestuurder privé kan innen. Wanneer de vennootschap geen vermogen meer heeft, kan de schuldeiser zich dus rechtstreeks verhalen op het privévermogen van de bestuurder.


Wat betekent deze uitspraak voor bestuurders?

Deze uitspraak laat zien dat leverancierskrediet geen vrijblijvend financieringsmiddel is. Een bestuurder die goederen bestelt, doorverkoopt en de ontvangen opbrengsten vervolgens gebruikt voor andere bedrijfsuitgaven, neemt een aanzienlijk persoonlijk risico wanneer de leverancier daardoor niet betaald kan worden.


Voor bestuurders zijn vooral de volgende aandachtspunten belangrijk.

1. Ga geen verplichtingen aan zonder realistisch betalingsplan

Een startende onderneming mag risico’s nemen, maar moet vooraf kunnen uitleggen hoe leveranciers worden betaald. Wanneer betaling volledig afhankelijk is van directe inkomsten van klanten, moet daar zorgvuldig mee worden omgegaan.


2. Gebruik opbrengsten van doorverkochte goederen niet zomaar voor andere investeringen

Wanneer een onderneming goederen van een leverancier verkoopt en de leverancier nog moet worden betaald, kan het riskant zijn om de ontvangen opbrengsten eerst te besteden aan inventaris, huur of apparatuur.


3. Wees transparant wanneer de onderneming afhankelijk is van leverancierskrediet

Wanneer een onderneming feitelijk alleen kan opereren doordat leveranciers later worden betaald, is het verstandig hierover duidelijke afspraken te maken. Zonder transparantie kan achteraf het verwijt ontstaan dat de leverancier onbewust als financier is gebruikt.


4. Leg betalingsafspraken schriftelijk vast

Bestaat er een afspraak over betalingstermijnen, verzamelfacturen of levering op krediet? Leg dit schriftelijk vast. In procedures komt het regelmatig aan op de vraag wat precies is afgesproken en wat daarvan bewezen kan worden.


5. Stop tijdig met nieuwe verplichtingen wanneer betaling onzeker wordt

Zodra duidelijk wordt dat bestaande facturen niet betaald kunnen worden, is het aangaan van nieuwe verplichtingen gevaarlijk. Vanaf dat moment kan persoonlijke bestuurdersaansprakelijkheid steeds dichterbij komen.


Wat kunnen leveranciers doen bij onbetaalde facturen?

Ook voor leveranciers is deze uitspraak relevant. Wanneer een bv facturen onbetaald laat en geen verhaal lijkt te bieden, hoeft de zaak niet altijd te eindigen bij een lege vennootschap.

Er kan aanleiding zijn om te onderzoeken:

  • wie namens de onderneming de bestellingen heeft geplaatst;

  • of de bestuurder wist dat betaling onzeker of onmogelijk was;

  • of de onderneming opbrengsten heeft ontvangen uit doorverkoop;

  • waaraan die opbrengsten zijn besteed;

  • of vermogen aan de vennootschap is onttrokken;

  • of de activiteiten kort na levering zijn gestaakt;

  • of de bestuurder betaling of verhaal heeft gefrustreerd.


Wanneer uit dergelijke omstandigheden blijkt dat de bestuurder persoonlijk ernstig verwijtbaar heeft gehandeld, kan hij naast de vennootschap persoonlijk aansprakelijk worden gesteld.

Laat onbetaalde facturen niet onnodig oplopen

Onbetaalde facturen zijn niet alleen een incassoprobleem. Zeker wanneer een bv geen verhaal meer biedt, moet snel worden onderzocht of ook de bestuurder persoonlijk aansprakelijk kan worden gehouden.


Van der Burg Juristen ondersteunt ondernemers bij openstaande facturen, incassogeschillen en bestuurdersaansprakelijkheid. Wij beoordelen snel of een vordering juridisch haalbaar is en welke partij daadwerkelijk kan worden aangesproken.


Heeft uw onderneming te maken met onbetaalde facturen of vermoedt u dat een bestuurder bewust verhaal onmogelijk maakt? Neem dan direct contact op met Van der Burg Juristen voor een juridische beoordeling van uw positie.


Van der Burg Juristen | Snel en doelgericht juridisch optreden voor ondernemers

 
 
 

Opmerkingen


bottom of page